- Vouw een stuk papier (liefst A4) in de lengte door de helft.
- Open het vel weer. Deze vouw geeft de hartlijn weer, waar we
verder mee werken.
|
 |
- Vouw de bovenste hoeken diagonaal naar binnen, richting de
hartlijn.
- De gevouwen delen zijn driehoekig en vormen een punt naar het
midden.
|
 |
- Vouw het driehoekige gedeelte naar binnen.
- De gevouwen hoekjes zitten aan de binnenkant.
|
 |
- Vouw de rechterbovenhoek naar het midden, zodanig dat je 15 mm
boven de punt van de driehoek uitkomt.
- Doe hetzelfde met de linkerbovenhoek.
|
 |
- Pak het puntje van het driehoekige gedeelte, dat onder de
andere flapjes uitsteekt.
- Vouw dit puntje omhoog over de bovenliggende flappen, zodanig
dat deze nu blijven zitten.
|
 |
- Vouw het vel nu in de lengte doormidden.
- Het driehoekje dat je in de vorige stap vouwde, moet nu aan de
buitenkant zitten.
|
 |
- Vouw de vleugels in een schuine hoek, op die manier dat de
vleugels naar achteren toe omhoog lopen (vanaf de zijkant bezien)
- Duw de vleugels weer terug.
|
 |